Knippen, kleuren en reactionaire trekjes

16 november 2015

In Museum Willet-Holthuysen is op dit moment een presentatie te zien, getiteld Ode aan een ambacht. Het is een overzichtelijke opstelling met prachtige werken van knipkunst. Tegelijkertijd is het een fraaie ode aan het verzamelaarsechtpaar Joke en Jan Peter Verhave. Zij gaven werken uit hun verzameling in bruikleen. Dat betekent overigens dat het de komende maanden een ietwat kale boel is in huize Verhave want de knipkunst hangt daar normaal gesproken om hen heen aan de muur.

Van één van de belangrijkste kunstenaars van knipkunst zijn meerdere werken te zien. Het gaat hier om Joanna Koerten (1650-1715). Zij had een geheel eigen techniek van knippen. Haar werkstukken lijken op het eerste gezicht eerder etsen of gravures. Zij werd door tijdgenoten zeer gewaardeerd om haar kunst, bovendien had zij het geluk dat haar man zijn echtgenote op handen droeg.

1000 gulden

Joanna Koerten had een naamgenoot waarover wij in de tentoonstelling in Willet niets horen. Dit was de 'afsetter' van kaarten en prenten Frans Koerten. De kunst van het kleuren of hogen van prenten met waterverf en goud en zilver stond in de Republiek op een buitengewoon hoog niveau. Een ingekleurde bijbel of een ingekleurde atlas kon dus best verkocht worden voor ongeveer 1000 gulden, veel meer dan een gemiddeld schilderij opbracht. De kunst van het kleuren, buitengewoon toevallig, staat nu centraal in een tentoonstelling bij Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam. Ga kijken, want daar zie je de originele kleuren van de zeventiende eeuw.

Rembrandt

De twee tentoonstellingen verwijzen op geen enkele manier naar elkaar maar hebben qua thematiek alles met elkaar te maken. Beide technieken verbeelden 'de wereld in het klein' op sublieme wijze. Beide tentoonstellingen hebben tegelijkertijd, gezien de berichtgeving, last van een minderwaardigheidscomplex: bij de ene tentoonstelling wordt gesproken over 'de Rembrandt van de papierknipkunst' en bij de ander over 'de Rembrandt van het inkleuren' (zie ook NRC Handelsblad van respectievelijk 3 en 6 november 2015). Blijkbaar hebben marketeers en journalisten tegenwoordig Rembrandt nodig om iets cultureels uit het Nederlands verleden aan te prijzen. Dit patroon krijgt langzamerhand reactionaire trekjes: in de tweede helft van de negentiende eeuw en in de jaren 30 van de 20ste eeuw keek men ook al zo op naar Rembrandt. Hoe reactionair het gedoe rond Rembrandt is geworden, zien wij fraai terug in de recente aankoophype rond de twee Rembrandtportretten. Daarbij moest vanwege nationaal belang voorkomen worden dat deze uit het bezit van een of andere rijke oliesjeik in handen zouden komen van een of andere rijke joodse bankier of omgekeerd.

Ga dus vooral naar Willet en Bijzondere Collecties, maak uw hoofd vrij en vergeet Rembrandt voor even.

Blijf op de hoogte

Meld u aan voor de nieuwsbrief van het Amsterdam Museum, zo blijft u ook op de hoogte van de activiteiten in Museum Willet-Holthuysen.